Annukka Vähäsöyrinki: ‘Grappig, maar niet op een grappige manier’
  • Blog post of April 2017: Annukka Vähäsöyrinki, Head of Projects at the Finnish Cultural Institute for the Benelux, interviewed Xander Karskens, the curator of the Finnish Pavilion for the Venice Biennale and visited the studio of biennale artists Erkka Nissinen and Nathaniel Mellors at the Rijksakademie in Amsterdam on 1 March 2017.
4 april 2017

Foto: Annukka Vähäsöyrinki

In mei gaat de 57ste editie van de Biënnale van Venetië van start. Finland wordt op deze tweejaarlijkse, toonaangevende kunstmanifestatie vertegenwoordigd door een gezamenlijk werk van kunstenaars Erkka Nissinen (Finland, 1975) en Nathaniel Mellors (Groot-Brittannië, 1974). Conservator van de tentoonstelling is Xander Karskens (Nederland, 1973), tevens artistiek directeur van het Nederlandse Cobra Museum. Ik wacht hem op in De Groene Olifant, een huiselijk, ietwat doorleefd café aan de rand van het Amsterdamse centrum. Uit het voorafgaande e-mailcontact en de keuze van de ontmoetingsplek was al gebleken dat Karskens – conservator van het Haarlemse museum De Hallen en van de Nederlandse bijdrage aan de kunstbeurs ARCOmadrid in 2012 – een ongedwongen en toegankelijk karakter heeft.

Onze ontmoetingsplek ligt op een steenworp afstand van de Rijksakademie, een prominent platform voor getalenteerde kunstenaars waar Nissinen en Mellors in 2007 kennismaakten met elkaars werk. Nu, tien jaar later, heeft de Rijksakademie een atelier ter beschikking gesteld waar de kunstenaars aan hun biënnaletentoonstelling The Aalto Natives werken. Dat werk mag vooralsnog alleen geheimzinnig worden omschreven als een ‘videoinstallatie waarin beeldhouwkundige elementen zijn verwerkt’. De conservator komt rechtstreeks aanhollen van de laatste voorbereidingen aan het werk en begint met een inleiding over het ontstaan van de biënnalesamenwerking:

‘Ik werkte al jarenlang met beide kunstenaars aan tentoonstellingen en diverse kunst- en boekprojecten, en was conservator van solotentoonstellingen van zowel Nissinen als Mellors in De Hallen in Haarlem. Maar The Aalto Natives is ons eerste gezamenlijke project. Zowel Nissinens als Mellors’ werk wordt gekenmerkt door humor, maar wat de uitvoering betreft zijn hun werk en werkwijze heel anders. In The Aalto Natives komen die verschillende werkwijzen samen,’ vertelt Karskens met zo’n enthousiasme dat een zoutvaatje bijna sneuvelt. Meerdere keren.

De Biënnale van Venetië is de belangrijkste ontmoetingsplaats voor de internationale kunstwereld: in zeven maanden trekt het evenement gemiddeld een half miljoen bezoekers. De lange geschiedenis van het evenement begon in 1895, toen de Biënnale nog een platform was waar landen hun nationale identiteit konden tonen. Hart van de Biënnale is het park Giardini di Castello, waar de landenpaviljoens staan. Daar staat ook het houten Finse paviljoen uit 1956, ontworpen door Alvar Aalto, waar het werk van Nissinen en Mellors tentoongesteld zal worden. Sinds 1980 wordt ook het Arsenaal van Venetië – de oude scheepswerven – als tentoonstellingsgebied gebruikt. Ook buiten het biënnalegebied vult de stad zich met hedendaagse kunst.

‘De landenpaviljoens en talloze nevenprojecten tonen een breed palet aan hedendaagse kunst. Hoewel het commerciële karakter en het ouderwetse nationalistische model van de Biënnale zeker enige kritiek verdienen, is en blijft het een belangrijk platform voor nieuw discours in de hedendaagse kunst . Als een van de ecologische systemen binnen de kunstwereld is de Biënnale een aanvulling op andere grote kunstmanifestaties, zoals de documenta in Kassel en kleinere biënnales met hun eigen geopolitieke bijzonderheden.’

Nu Finland zijn honderdjarige onafhankelijkheid viert, staan vragen rond nationale identiteit centraal tijdens de biënnale-expositie, maar The Aalto Natives stoft het heersende concept van Finland flink af. Opdrachtgever van het Finse biënnalewerk is Frame Contemporary Art Finland, het informatiecentrum voor hedendaagse kunst, dat in het najaar van 2015 via een open call kunstenaars en conservatoren opriep samen een nieuw werk te bedenken. De inzending van Nissinen, Mellors en Karskens werd volgens de jury gekozen vanwege het ‘boeiende, verrassende en artistiek veelzijdige concept’. Zelf ziet Karskens de internationale achtergrond van het drietal als grote kracht. Dankzij die achtergrond kan de vraagstelling van de tentoonstelling in een mondiale context worden geplaatst, waarin onze gezamenlijke werkelijkheid wordt bepaald door Trump en Brexit, maar ook door de crisis in Syrië.

‘Het werk is een speels en satirisch commentaar op nationale identiteit en cultuurvorming, en voegt juist daarom diepgang toe aan het programma van de Biënnale. De humor van het werk is eigenzinnig en misschien niet naar ieders smaak. De grensverleggende en scatologische humor is, in de woorden van Nathaniel Mellors, niet een “very funny kind of funny”.’

The Aalto Natives komt tot stand met steun van Frame en het Mondriaan Fonds, en wordt na de Biënnale ook tentoongesteld in het Cobra Museum in Amstelveen en Kiasma in Helsinki. Meer Finse videokunst is op de Biënnale te zien in het gezamenlijke paviljoen van Finland, Zweden en Noorwegen, waarvan het conservatorschap rouleert tussen de drie landen. Dit jaar is de leiding in handen van Mats Stjernstedt, directeur van Moderna Museet in Stockholm. Finland wordt in het gezamenlijke paviljoen vertegenwoordigd door Mika Taanila en Pasi ‘Sleeping’ Myllymäki.

Na onze lunch gaan we naar het atelier van Nissinen en Mellors in de Rijksakademie, waar naast de kunstenaars zelf een hele groep werknemers van de Rijksakademie druk bezig is. Het werk is al bijna af, en veel aanwezigen in het pand komen een kijkje nemen. Karskens blijkt iedereen bij naam te kennen.

‘Het werk wordt een spectaculaire visuele ervaring. Op de Biënnale van Venetië is ontzettend veel te zien, en in die visueel overweldigende context willen we het publiek iets bieden dat een lach op het gezicht tovert en verwondering wekt. Al blijft de toeschouwer maar een minuut in het Finse paviljoen, de essentie zal hem niet ontgaan,’ aldus Karskens.

De conservator hoopt dat het werk aan het denken zet over de mogelijke rol van humor bij het ontwikkelen van kritische standpunten in de hedendaagse kunst, als tegenpool van expliciet politieke hedendaagse kunst, die vaak met de vinger wijst en didactisch van aard is.

‘Als kunst functioneel wordt, gaat iets van de essentie verloren. Voor mij bevat een goed kunstwerk een geheimzinnige kern, die niet geheel ontraadseld kan worden.’

Karskens constateert een hernieuwde waardering van satire als instrument in het politieke en maatschappelijke debat, juist vanwege het gebruik van clichés als middel van kritiek. Overdrijving en uitvergroting zijn in staat om de kern van de heersende realiteit zichtbaar te maken.

‘Ons interesseert het politieke aspect van humor, hoe het een uitstekend middel kan zijn om heersende denkbeelden en sleetse narratieven in twijfel te trekken. Beeldende kunst heeft, net als alle culturele uitingen, de potentie om subjectieve zienswijzen en normen en waarden te beïnvloeden.’

Ter afsluiting van het interview vraag ik of ik van het drietal een foto mag maken in de tuin van de Rijksakademie. De mannen nemen onmiddellijk verschillende poses in, zonder een woord te wisselen en verbazingwekkend goed op elkaar afgestemd. ‘Laten we proberen net zo lang te lijken als Xander,’ zegt Mellors tegen Nissinen. Het resultaat is te zien op de foto bij dit verhaal – een van de conventionelere plaatjes die de fotosessie opleverde.

 

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on Twitter

Annukka Vähäsöyrinki

Annukka Vähäsöyrinki, Head of Projects van het Fins Cultureel Instituut voor de Benelux, interviewde Xander Karskens, conservator van het Finse paviljoen van de Biënnale van Venetië, en bezocht het atelier van biënnalekunstenaars Erkki Nissinen en Nathaniel Mellors in de Rijksakademie in Amsterdam op 1 maart 2017.

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on Twitter

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.