Commoning met Perpetuum Mobile
  • Commons Assembly_wwwedit
20 januari 2017

 Foto: European Commons Assembly @ Creative Commons

In Brussel voor de European Commons Assembly (ECA)

Ivor Stodolsky & Marita Muukkonen

 

De absurditeit van ons tijdperk is tastbaar. Klimaatverandering is als een atoombom in slow motion, waarvan we de rode knop langzaam steeds dieper indrukken. Al zijn we ons ten volle bewust van de rampzalige consequenties voor onze planeet, toch subsidiëren we het indrukken van de knop met miljarden en nog eens miljarden euro’s per jaar. De massa-extinctie van het leven op aarde is een geaccepteerd bijverschijnsel, de nevenschade van deze extractieve economie. De ideologische privatisering van al het levende en levenloze, (on)bewuste en affectieve onderwerpt elk aspect van het bestaan aan een winstoogmerk, terwijl natuur, gezondheid, welzijn, vrijheid en het weefsel van onze samenleving daarbij kapotgemaakt worden.

In december 2016 bezochten Ivor Stodolsky en Marita Muukkonen van Perpetuum Mobile (PM) de eerste European Commons Assembly (ECA) in Brussel. Deze bijeenkomst belichaamde de eis van ‘commoners’ uit heel Europa en daarbuiten tot politieke samenwerking op het gebied van deze planetaire crisis. In de plaatselijke, commons-vriendelijke ruimte Zinneke en in het Europees Parlement zelf werden vergaderingen georganiseerd door een informeel, open en internationaal organisatiecomité, in samenwerking met de Commons Intergroup van het Europees Parlement. De evenementen trokken 100-150 commoners, onder wie zowel individuen als afgevaardigden van commons-georiënteerde initiatieven uit heel Europa en daarbuiten.

In de aanloop naar de ECA werden algemene thema’s, kwesties en vragen, maar ook goed uitgewerkte voorlopige beleidsvoorstellen voorbereid dankzij commoning tools als Hackpad en Loomio (links naar discussies). Gezien de aanwezigheid van zo veel bekende en minder bekende commons-leiders en organisaties, een toegankelijke en enthousiaste groep leden van het Europees Parlement met de bereidheid te luisteren en samen te werken, en bijeenkomsten in het hart van het enige direct democratische instituut van de EU, namelijk het Europees Parlement, mag dit evenement met recht historisch worden genoemd. Alle partijen spraken hun wil uit dit te zien als het begin van een proces waarbij gewone commoners helpen het beleid van de Europese Unie te herschrijven en te ontwikkelen: een veelbelovende start.

Wat is een ‘commoner’, vraagt u zich nu misschien af. Wat houdt ‘commoning’ in? Welke praktische oplossingen biedt commoning in het hier en nu, waar het huidige systeem tekortschiet in zowel doeltreffendheid als legitimiteit als het aankomt op de aanpak van brandende kwesties? Hoe kan de commonsbeweging beweren verder te gaan dan de staat en de markt, zonder daar lijnrecht tegenover te staan? In welke zin is commoning includerender, en wat denken commoners te doen aan het alom ervaren ‘gebrek aan democratie’ in onze zogenaamd ontwikkelde, democratische samenlevingen?

Dit zijn enkele centrale kwesties die Perpetuum Mobile aanpakt door middel van voorstellen en tussenkomsten op de ECA, maar ook door ons werk aan de PLURIversity, de Common Collection (CC) en een ander reeds langer bestaand project genaamd The Arts Assembly (Manifesta 8, 2010). Al die werkzaamheden kunnen worden beschouwd als commoning in de kunstensector.

Maar eerst: wat zijn de ‘commons’, oftewel het gemeengoed? Zoals David Bollier het omschrijft in zijn exemplarische werk How To Think Like a Commoner (2014), omvatten de commons:

‘het uitgestrekte land met zijn delfstoffen en bossen, de radiogolven waarvan tv-zenders gratis gebruik maken, de stedelijke ruimte, het menselijk genoom […] de fantastische festivals georganiseerd door de gemeenschap in mijn geboorteplaats, gifteconomieën zoals stelsels voor bloeddonaties, en het gemeengoed van de taal: een bron die iedereen vrij mag gebruiken, maar waarvan de letters en woorden in rap tempo geregistreerde handelsmerken worden. Dan zijn er nog de visstand, de landbouwgrond en het water, die wereldwijd door naar schatting twee miljard mensen dagelijks worden beheerd als gemeengoed om aan hun dagelijkse behoeften te voldoen.’

De herschepping en overleving van de vormen van commons in de 21ste eeuw zijn een bron van nieuwe hoop en synergie. In steeds meer sectoren zijn succesvolle toepassingen te zien, in de vorm van Wikipedia, open software, gemeenschappelijke tuinen, co-working, coöperatieve ondernemingen, co-housing, car-sharing, en meer. Ook op het gebied van open en integrale coöperaties, alternatieve valuta, open-sourcecommunity’s, solidariteits- en deeleconomieën is volop beweging.

Dit alles geeft hoop voor de toekomst. De commons bieden een levensvatbaar en realistisch kader voor progressief denken, zonder een teveel aan verplichte ideologische ballast. In vele opzichten heeft de taal van de commons bruggen geslagen tussen oude en nieuwe technologieën en sociale formaties, tussen radicale en traditionalistische sentimenten. Zodoende hebben de commons de potentie om de impasse te doorbreken die de samenleving ervaart, wanneer zij hun keuze beperkt zien tot reguliere, in de markt gewortelde politieke kampen die vaak niet van elkaar te onderscheiden zijn. De commons bieden niet alleen nieuwe denkbeelden, maar ook een nieuwe praktische realiteit.

Commoning werkt vaak beter dan welke staat of welk particulier systeem dan ook. Neem bijvoorbeeld, om een volledige sector te noemen, de wetenschappelijke gemeenschap, die afhankelijk is van de bereidheid tot delen en het in alle openheid samen ontwikkelen van ideeën en experimenten, de verificatie van feiten en de gezamenlijke ontwikkeling van technologieën. Op dit moment vecht de wetenschap ervoor de rechten op haar eigen kennisgemeengoed terug te krijgen, dat hebzuchtige uitgeversreuzen als Elsevier aan de wetenschap terug verkopen tegen buitensporige prijzen, hoewel zij het letterlijk gratis hebben gekregen van onderzoekers en universiteiten.

Een specifieker voorbeeld is te vinden op het gebied van internetbeveiliging, waar de consensus heerst dat de veiligste versleuteling noodzakelijkerwijs een open source is: met zo veel ogen op een open code zal elke bug en elk lek onmiddellijk worden gevonden en verwijderd. Bedrijfseigen, geheime code kan bugs bevatten die zonder melding misbruikt kunnen worden. Of neem Linux, een open-sourcebesturingssysteem, dat zo succesvol bleek dat het de ruggengraat werd van Android, wereldwijd het meest gebruikte besturingssysteem voor mobiele telefoons. Apacheservers, wederom draaiend op open-sourcesoftware, hosten meer websites dan ieder ander systeem, en vormen decennia na hun introductie de basis van het internet.

Er zijn tal van andere voorbeelden te noemen, van gezamenlijk beheer van visrechten in een meer tot potluck-maaltijden en de eer om te mogen surfen op de mooiste golven voor de kust van Hawaï (Bollier, p. 15). Het kan zo eenvoudig zijn als ‘talkoot’, de Finse traditie waarbij vrienden of leden van een gemeenschap samen de handen uit de mouwen steken om een karwei te klaren. Of zo gecompliceerd als het verdedigen van het land en het schone water van inheemse volkeren in Standing Rock tegen de plundering door oliemaatschappijen, die de Dakota Access Pipeline willen aanleggen.

Het moge duidelijk zijn dat de commons veelomvattend zijn. Het collectieve goed is alles wat wij delen, wat niemand in het bijzonder bezit of zou moeten bezitten, en wat gezamenlijk beheerd wordt door degenen die er het meest om geven. Daarom wordt dan ook gesproken van commoning. Het is een gewone, alledaagse bezigheid.

In de kunstensector zijn vormen van commoning al gebruikelijk sinds de vroege twintigste eeuw, en misschien zelfs langer. Deze gebruiken worden echter pas sinds kort als ‘commoning’ beschouwd.

The Arts Assembly (AA) van PM is een voorbeeld van commons-denken zonder het zo te noemen. De eerste openbare AA, die in 2010 plaatsvond als onderdeel van Manifesta in het Spaanse Murcia, was een experiment met betrekking tot de collectieve ‘taxatie’ van kunstwerken. Kunstenaars van de biënnale werd gevraagd hun werk voor Manifesta te onderwerpen aan het kritische oog van een beoordelingscommissie, de ‘Valuation Chamber’. Dit ongeveer twee uur durende proces vond plaats in een amfitheater, waar het publiek samen met een jury van vooraanstaande kunstkenners de criteria bepaalde volgens welke het werk of de kunstenaar beoordeeld diende te worden (klik hier onder Manifesta AA Events voor korte video’s van deze ‘Valuation Chambers’). De AA is ontworpen om een diepgaandere waardering en bekritisering van kunst te stimuleren in een sector waar kritiek vaak nietszeggend of vaag is, terwijl de marktwaarde van kunst op het scherp van de snede bepaald wordt. Dit gebeurt door de meningen van een volledig amfitheater in acht te nemen en zo een niet-monetaire ‘taxatie’ van een werk, een concept of een procedure tot stand te brengen. (NB sinds 2011 wint deze vorm van bijeenkomsten, de zogenaamde ‘assembly’, opnieuw aan populariteit onder de Indignados in Spanje en Occupy-bewegingen in het algemeen, waarbij elke beweging eigen vormen en methodes van commoning ontwikkelt.)

The Commons Collection (CC) is een recenter initiatief, dat momenteel actief ontwikkeld wordt. Als een van de conservatoren van de CC waarborgt PM de kwaliteit van de kunstwerken en de samenhang en volledigheid van de collectie. De CC is echter in collectief bezit van de conservatoren en de kunstenaars van de werken. Dit houdt in dat de kosten voor bijvoorbeeld opslag, toekomstige tentoonstellingen en promotiedoeleinden gedeeld kunnen worden. Naarmate de CC haar collectie, status en bekendheid uitbouwt, zal de waarde van de werken stijgen. De vruchten daarvan komen ten goede aan de deelnemers van de CC. En, nog belangrijker, op deze manier wordt werk van zowel bekende als jonge of minder bekende kunstenaars in de collectie opgenomen, inclusief werk waarvan de marktwaarde relatief laag is, ten bate van de CC en haar leden. Vooral het werk van jonge kunstenaars wordt na een tentoonstelling vaak weggegooid of voor weinig geld verkocht vanwege het gebrek aan marktwaarde. De CC is een vorm van coöperatie op de lange termijn, die waarde opbouwt en eventueel in de toekomst als een soort verzekering kan fungeren. Zo kunnen werken bijvoorbeeld worden verkocht om leden van de CC in financiële nood te steunen. Alle betrokkenen profiteren als collectief van een groeiende CC.

Het nieuwste initiatief van PM dat zich direct richt op de commons, is de zogeheten PLURIversity.

De PLURIversity, een ‘université populaire’ en hogeschool voor de kunsten, is een kruisbestuiving van artistieke, peer-to-peer- en sociale denkbeelden met als doel de ontwikkeling van nieuwe pedagogische methodes, vaardigheden en oplossingen voor een gevarieerde, pluriculturele toekomst. De PLURIversity is in de eerste plaats bedoeld voor haar deelnemers – en dat kan iedereen zijn. We brengen de plaatselijke jeugd, verenigingen, gemeenschappen en coöperatieve initiatieven samen om met elkaar nieuwe modellen te ontwikkelen. Met de hoop en het enthousiasme die tot dusver zijn ontstaan, zijn inmiddels ook de eerste voorlopige verslagen van de learning-by-doing-faculteiten beschikbaar.

In Helsinki, waar de PLURYversity is opgericht, heeft een bonte stoet commoners uit alle lagen van de bevolking zich aangesloten bij het zogeheten ‘coöp-der-coöps-proces’ aan de faculteit van PLURIeconomy: van een muziekschool tot klusliefhebbers en theaterartiesten, leden van Commons.fi, Aika Pankki (Tijdbank), Pixelache, YMBIcon en Open Knowledge. Aan de hand van de ervaringen van de ECA in Brussel, die door meerdere leden van de groep werd bijgewoond, worden deze groepen nu samengevoegd tot een nieuw, gedeeld commons-forum.

De eerste Assembly of the Commons vond plaats in 2016, en de samenwerking neemt toe, trekt een grote verscheidenheid aan deelnemers aan en verenigt particulieren, ondernemers en gemeenschappen. De volgende Assembly staat gepland voor 20 januari 2017.

De toekomst zal uitwijzen wat het resultaat van dit proces zal zijn. Maar het meest ambitieuze doel op de lange termijn is de totstandbrenging van een ‘integrale coöperatie’, dat wil zeggen, ‘een coöperatie der coöperaties’ of ‘coöp der coöps’, die een stabiele en levendige economische infrastructuur opzet voor een ethische economische gemeenschap. Succesvolle ervaringen met zulke initiatieven bestaan al. Het Catalan Integral Cooperative (CIC) is een inspirerend model voor regionale samenwerking. Andere gerelateerde modellen zijn uitgesproken experimenten op het gebied van globale ‘open’ of ‘integrale’ coöperatie, zoals FairCoop (dat de FairCoin ontwikkelt). Terwijl bestaande initiatieven in kaart worden gebracht, zoals het onderzoek naar en de ontwikkeling van platformcoöperaties, winnen nieuwe structuren aan stuwkracht om de oude te vervangen.

Vaak is beweerd dat de crisis die in 2007 de kop opstak wellicht ‘de kapitalistische tegenhanger was van de instorting van het communisme in 1989’.[1] Het is interessant om te beseffen dat:

‘[…] tijdens de perestrojka, onder Gorbatsjov, veel mensen een plotse “breuk in hun bewustzijn” ervoeren toen het hun begon te dagen dat de val aanstaande was. Maar tot op dat moment handelde, sprak en dacht men zelfs alsof het Sovjetsysteem blijvend was. En ondanks hun cynisme over de beestachtigheid ervan bezochten ze de parades, namen ze deel aan de vergaderingen en voerden ze de door de staat vereiste rituelen uit.’[2]

Maken wij eenzelfde periode door? Wat zou er gebeuren als we het (bedrieglijke) begrip van de republiek van het ‘volk’ vervingen door het (even bedrieglijke) begrip van de ‘vrije’ markt in het bovenstaande relaas? Leven wij in net zo’n onhoudbare zeepbel, die op het punt van knappen staat? Misschien is de grootste vraag wat volgt als de bel eenmaal geknapt is. Als, of wanneer, de gevestigde orde om ons heen instort, net als de Sovjet-Unie, moeten wij, als leerlingen van postcommunistische stelsels (Jon Elster, Claus Offe et al., 1998), ‘het schip op volle zee weer opbouwen’.

 

[1] http://artseverywhere.ca/20…/…/14/has-the-art-world-lost-it/

[2] Uit een recent verschenen artikel van The Guardian, geschreven door economiejournalist Paul Mason, die refereerde aan het werk van Alexei Yurchak, antropoloog aan de Berkeley University en auteur van “Everything Was Forever, Until It Was No More: The Last Soviet Generation”. https://www.theguardian.com/commentisfree/2016/dec/05/soviet-union-collapsed-overnight-western-democracy-liberal-order-ussr-russia

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on Twitter

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on Twitter

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.