Mikko Paakkola: De gewone kunstenaar
  • Artist Mikko Paakkola's guest blog post of September 2016: "I have thought of art as an axiom of internationalism, since I have experienced art as a means to reach the very core of humanity, a core that does not recognise national borders. What a wonderful instrument the European Union offers to achieve this."
15 september 2016

Photo: Office d’Art Contemporain, Bruxelles / Matyas Matyas

 

Ik ben een schilder van de oudere generatie, het wandelende cliché van een toegewijd kunstenaar. Met de jaren heb ik een passende hobby gevonden: klieren op Facebook. Dat is de nieuwste tak van betweterigheid, die niet alleen perfect in deze tijdgeest past, maar ook bij mijn karakter. En ten dele ook bij mijn beroep.

Kunst is een eenzame bezigheid. De kunstenaar is op zijn vierkante meter vooral op zichzelf aangewezen. En hoe hij ook gelooft dat hij vanuit zijn atelier de wereld aan stukken kan slaan of kan omtoveren in een paradijs, daarbuiten blijft die wereld onwankelbaar staan, in één stuk, onveranderlijk.

Dat maakt sociale media zo’n uitstekend toevluchtsoord. De kunstenaar kan zijn atelier verlaten zonder een stap buiten de deur te zetten. Opeens ligt de rest van de wereld binnen handbereik. Want tenzij de kunstenaar zijn heiligdom verlaat om zijn werk en zijn uitmuntendheid tentoon te stellen – jawel, zijn uitmuntendheid, want in wezen is iedere kunstenaar uitmuntend –, gaat hij gefrustreerd, gespannen en angstig naar buiten. Dan stapelen de gevolgen zich op. Rimbaud werd neergeknald door Verlaine, en de Finse zanger Frederik kreeg in het onder kunstenaars populaire restaurant Kosmos een flink pak slaag met de mededeling dat ‘de meesten niet van ijzer zijn’, precies zoals hij zelf al zong. Vele anderen gaan op zijn minst naar huis met bier in hun haren. Facebook biedt een andere tweedegraads werkelijkheid: kroegruzies kunnen tegenwoordig worden uitgevochten op sociale media. Daar zoek ik naar nieuwe discussies waarin ik mij meng met een duiveltje op mijn schouder. Ik provoceer. Vooral niet te versmaden zijn onderwerpen als economisch beleid, immigratie en Europa. En kunst.

Mijn hobby vereist enige inspanning en in feite ook vertrouwdheid met het onderwerp, want geslaagde betweterigheid vergt kennis en expertise. Dan pas beleef ik het meeste plezier aan de zich in emoties wentelende tegenpartij, en terwijl de discussiegroep zint op wraak, heb ik zelf de tijd om mijn kennis over het onderwerp te verdiepen. En nog harder terug te slaan.

Meestal speelt daarbij een glimlach om mijn lippen. Tot die verdraaide Brexit kwam, en ik de fout maakte de populistische gelederen van mijn eigen beroepsgroep te bespotten door te pleiten voor een verenigd Europa en een gezamenlijke munteenheid. Ik herhaal: de populistische gelederen van mijn eigen beroepsgroep. Verrassend genoeg vinden nationalisme en euroscepsis niet alleen een gewillig oor bij de rechtspopulisten die graag afgeven op postmodernistische flutkunst, maar ook bij de makers van die postmodernistische flutkunst zelf.

Ik kreeg een veeg uit de pan: ‘Hoe kun jij, Mikko Paakkola, een gewone kunstenaar, je aan de zijde scharen van de elite en de Europese Unie en de euro verdedigen?’ 1-0, sliep uit.

Een gewone kunstenaar. Duizend bommen en granaten, geen enkele ware kunstenaar is gewoon. Wij zijn een geschenk van de goden, een onuitputtelijke amfora van dichterlijkheid en een zonsopkomst na een doorwaakte nacht. Wij maken jullie nachtmerries waar en jullie waarheid tot nachtmerrie en als jullie wegzakken in het moeras, zijn wij de dwaallichten voor jullie neusgaten, we zijn Väinämöinen en Joukahainen, de stalkaarsen des hemels en de raketmotor die niet weet waar hij heen gaat. Van die orde dus. Verre van gewoon.

Een gewone kunstenaar. Lager dan dat bestaat niet. Een gewone kunstenaar is het harde hart van middelmatigheid en het toppunt van platitudes, een gewone kunstenaar stijgt niet tot grote virtuositeit en raakt niet aan lagerwal, want zijn scheppingen mikken op de middenmaat; daarvan afwijken is een zonde. Een gewone kunstenaar kleurt binnen de lijntjes en valt niet uit de toon, hij doet wat hem is geleerd en wat het publiek van hem verlangt, niets laat hij achter dan de hoop dat het echte leven ergens anders is. Verre van goddelijk. Zo eentje dus.

En hier kwam ik op vanwege Brexit.

Ik lijd aan een soort waanbeeld waar de gewone Finse kunstenaar geen last van heeft. Ik heb het internationale karakter van kunst altijd beschouwd als een vanzelfsprekendheid, want ik heb getracht met kunst de kern van het menselijke te raken, en die kern kent geen landsgrenzen. Wat een geweldig hulpmiddel is de Europese Unie daarbij gebleken. En datzelfde verkondigt ook de Britse kunstenaarsgemeenschap, die bij monde van Anish Kapoor stelde dat met een Brexit openheid en tolerantie worden vervangen door bekrompen hardvochtigheid. Maar de Finse kunstenaar is geen Brit.

De euroscepsis had zich al in de Finse kunstenaarsgemeenschap genesteld vóór Finland lid werd van de EU, herinner ik me uit de achtergronddiscussies. Als redenen kan ik slechts een reeks aannames aanvoeren: de angst om subsidies kwijt te raken, een internationale concurrentiestrijd. Misschien speelden op de achtergrond ook zorgen mee over de zelfstandige cultuurpolitiek en de verzorgingsstaat.

Dat zijn stuk voor stuk volkomen gerechtvaardigde bedenkingen. Maar er is een weerwoord op: subsidie wordt, net als btw en sociaal beleid, op nationaal niveau geregeld en de internationale concurrentiestrijd kan eerder worden beschouwd als kans dan als bedreiging – al veroveren kunstenaarsmiljonairs als Anselm Kiefer en Ai Weiwei dan onze expositieruimtes. Wij kunnen elders andere kamers vullen en de ware elite is gemakkelijker te bereiken met open grenzen dan met dichte. Misschijn zijn de zorgen over Europa in feite zorgen over de positie van de plaatselijke elite, en zijn de zorgen van de kunstenaarsgemeenschap zorgen over het verdwijnen van deze elite.

Mijn eigen standpunt heeft zijn wortels veel dieper zitten, ver onder alle elites. Het is onder meer beïnvloed door de economische crisis in Finland die voorafging aan het EU-lidmaatschap. Die crisis werd veroorzaakt door Finse bankiers, die na het openstellen van de financiële markten naar Wall Street konden. De Finse mark werd gedevalueerd, de banken stortten in en de werkloosheid steeg explosief. En dat alles werd opgelost door te snijden in de sociale sector en de verzorgingsstaat. Dat deden Finse politici helemaal zelf. En lang niet voor het eerst. Voorbeelden van begrotingsdiscipline en de heilige status van een eigen munteenheid zijn er al uit de jaren 1860, toen hongersnood, vrieskou en de eigen mark 150 000 burgers het leven kostten. Met dank aan de nationale elite.

Mijn standpunt wordt ook bepaald door mijn eigen achtergrond. Ik studeerde en werkte al in Europa voor Finland EU-lid was. En dat betekende visa, inklaringen, rijen, grenscontroles, verblijfsvergunningen, bankverklaringen, invoerrechten, geld wisselen en andere dingen waar ik niet op zit te wachten. En ik denk niet dat ik de enige ben. Zoiets kan een gewone kunstenaar zich botweg niet veroorloven.

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on Twitter

Mikko Paakkola

Mikko Paakkola is een Finse kunstschilder, die woont en werkt in Turku. Na zijn opleiding aan de kunstacademie van Turku studeerde hij van 1988 tot 1990 aan l’Ecole Nationale Supérieure des Beaux-Arts in Parijs en woonde hij van 1996 tot 2006 in Brussel. Zijn werk is te zien geweest in galeries in Finland, België, Zweden, Nederland, Frankrijk en Duitsland.

In het najaar van 2016 steunt het Fins Cultureel Instituut voor de Benelux een tentoonstelling van Finse grafische kunst in Galleria Rankka in Helsinki, die mede geleid wordt door Paakkola. Curator van deze expositie is de Belg Jean-Marie Uyttersprot.

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on Twitter

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.